ZWOLLE - De gedeelde winnaar van de Salverda Trofee, Sander Aarten van Be Quick ‘28, stond in de eerste acht wedstrijden van dit seizoen niet eens in de basis. “Wij hadden met Mark Meijer en Onur Tekay twee andere goede buitenspelers. Maar op een gegeven moment kon ik niet meer om hem heen. Hij heeft dat zelf afgedwongen”, zegt Be Quick-trainer Arnie Pot.
Na de drie treffers van Johnsen Bacuna in de zevenklapper tegen Go-Ahead Kampen leek de Berkum-aanvaller een onoverbrugbare voorsprong te hebben genomen in het Zwolse topscorersklassement, maar ineens was daar een buitenspeler van klassegenoot (1D) Be Quick ‘28 die zijn ‘shooting boots’ had aangetrokken. De 23-jarige Aarten, die twee seizoenen terug al eens tot twaalf treffers kwam in de tweede klasse, stond lange tijd op acht goals en was niet met de Salverda Trofee bezig. Dat was meer iets voor centrumspits Bas Buimer, die op weg leek naar een tweede clubtopscorerschap op rij. Buimer stond er in de eerste seizoenhelft ook nog goed voor, maar wist het net gaandeweg het seizoen steeds moeilijker te vinden. In tegenstelling tot Aarten.
Aarten maakte er zes in de twee-na-laatste en voorlaatste wedstrijd van het seizoen. Daardoor kwam hij op gelijke hoogte met Bacuna. Op de laatste speeldag kwamen de koplopers niet meer tot scoren. “Ik had er nog wel één in kunnen leggen”, zegt Aarten over die laatste wedstrijd, waarin Be Quick met 4-1 won van FC Zutphen. “Eigenlijk wel zonde ja, anders had ik alleen bovenaan gestaan.” Het moge duidelijk zijn dat Be Quick in die laatste wedstrijd met andere zaken bezig was dan met Aarten de topscorerstrofee bezorgen. Het kwam uiteindelijk drie doelpunten tekort op WHC voor rechtstreekse handhaving. “We hebben met geen woord over de Salverda Trofee gesproken”, aldus Pot, die Aarten een koele kikker vindt in één-op-één-situaties met de keeper. “Als hij in positie komt, is hij uitermate koel. Daar is hij bij ons de beste in.”

