De Swollenaer

Zaterdag, 14 maart 2026

Nieuws uit Zwolle en omstreken

Kademuur aan de Thorbeckegracht wordt verstevigd

Kademuur aan de Thorbeckegracht wordt verstevigdKademuur aan de Thorbeckegracht wordt verstevigd
Redactie: Erik-Jan Berends

(door Erik-Jan Berends)

BINNENSTAD – De gemeente, duikers en waterbouwers werken momenteel aan de versteviging van een stuk kademuur aan de Thorbeckegracht.

“De kademuren zijn meer dan honderd jaar oud en worden onder water gestut met hout”, legt Mark Heideveld, beheermanager openbare ruimte uit. “Bij sterke oostenwind daalt het waterpeil in de gracht sterk, waardoor de paalfundering zichtbaar wordt. Op dat moment komt er ook lucht bij en gaat het hout rotten. Dat levert hier en daar schade op, evenals op plekken waar schepen afmeren, met name bij bruggen.”

Medio jaren tachtig van de vorige eeuw heeft beheermanager Henk Borgmeijer foto’s van de funderingen gemaakt. In 2013 deed hij dat opnieuw. Toen was er volgens Heideveld een sterke achteruitgang te zien die om nader onderzoek vroeg. “Duikers hebben vervolgens de hele kade van de Thorbeckegracht in beeld gebracht. Ondanks de hoge leeftijd van de funderingen, viel het ons op dat 88 procent nog in heel goede staat verkeert. Acht procent was redelijk en vier procent ernstiger aangetast.”

Een compleet nieuwe fundering zou ook gevolgen hebben voor de bestaande kademuur. Omdat het hier om een beschermd stadsaanzicht gaat, besloot de gemeente een andere oplossing te zoeken. Als proef wordt nu een eerste gedeelte naast het Pelserbrugje aangepakt. De muur wordt verstevigd met een stalen constructie en vastgezet aan buizen die zeven meter diep de grond ingaan. Heideveld: “De mogelijk belasting van de kademuur wordt hiermee vier keer vergroot, van vijfhonderd naar tweeduizend kilo per vierkante meter.”

Deze oplossing gaat volgens hem veel minder kosten dan als de totale kade wordt aangepakt. “Dan praat je over drie à vier miljoen euro. Het werk op deze plek kost zo’n zestigduizend euro, inclusief ‘leergeld’. Het gaat immers nog om een proef. Na afronding van dit werk gaan we evalueren. Op basis daarvan bepalen we hoe we in de toekomst andere slechte plekken gaan aanpakken.”